• Woorden van Texel

    Ik hou van Texel. Kom er sinds 1998. Destijds was het liefde op het eerste gezicht. Nu bijna 25 jaar later is deze liefde onveranderd groot.  Ik voel mij verbonden met dit eiland. Het is het landschap, de weidsheid van de wolkenluchten, de zee en de mensen die er wonen. En het licht. Het prachtige licht van Texel. Eenmaal op het eiland komen de woorden vanzelf. Soms schrijf ik deze op. Een kleine bloemlezing.

    BESEF

    De uiterste hoek
    van een eiland

    wakend oog
    uit het Noorden
    slechts een ogenblik
    zorgvuldig en vertrouwd

    het wijst
    mij de weg
    naar innerlijke
    rust.

    Oosterend, Texel
    4 november 2017

    MAAN

    Nacht en kou
    doen mateloos
    hun intrede

    op mijn fiets
    vooruit kijkend
    gedachten passeren

    sterren aan de hemel
    bijna bewegingloos
    als metgezel

    het licht van
    afnemende maan
    laat sporen na

    het stille eiland
    toont een mens
    haar liefste kant

    Oosterend, Texel
    4 november 2017

    SOKKEN

    De weg maar zee
    vanuit Den Hoorn
    de ruimte tegemoet

    zij zit op de fiets
    ik in mijn auto
    ben passant

    zij draagt oranje sokken
    geen schoenen
    wel fietsend
    en genietend

    dat is zonneklaar
    het roept vragen op
    die snel verdwijnen
    wat maakt het uit

    Den Hoorn, Texel
    15 juni 2015

    ZEE

    De zee ruist zacht
    het strand is leeg
    golven zijn kalm

    zonlicht van achter wolken
    laat strepen vallen
    streelt het water

    de horizon gloort zilver
    maakt het moment
    intens breekbaar

    geluiden zijn ver weg
    mensen zijn naar huis
    een koude rilling

    een vrouw passeert
    badhanddoek los om de heup
    het haar door de war

    zij staat stil 
    hand boven de ogen
    zij ziet het ook.

    Rozendijk, Texel
    20 augustus 2012

    VUUR

    het voorjaar lonkt
    zodra de vuren
    gloeien

    samen zijn
    geluk delen
    plannen maken
    nieuw gevoel

    de Meierblis is
    als ontdoen
    van tijd en jas
    je bent weer vrij

    Rozendijk, Texel
    30 april 2009

    WEG

    Daglicht is vertrokken
    de Hemmerkooi is stil
    een eenzame fietser
    onderweg naar warmte

    De avond is nog jong
    de donkerte krijgt
    licht van de maan

    ineens is het tastbaar
    een gevoel van geluk.
    de weg is smal
    oneindig

    leven wordt duidelijk
    grenzen een excuus

    Rozendijk, Texel
    21 november 2012

  • Onderweg

    Onderweg zijn. Ik doe het graag. De verhalen komen dan vanzelf bij mij binnen.

    Paar schoenen

    De Zeldertse polder, tussen grofweg de Eem, Baarn en de Bunschoterstraatweg. Er loopt een klompenpad. Niet het gehele jaar te belopen. Bepaalde periodes is het alleen voorbehouden aan de vogels. Gelukkig maar. Deze plek kent illustere namen als Voor op Zeldert, Melm, de Hond, De Slaag en een straat vernoemd naar een Monseigneur. Nieuwland ligt om de hoek, bepaalt de grens min of meer. Ik start einde van de middag, zo tegen vieren. De wind is uit Oostelijke richting. Fijn, want daardoor blijft het lawaai van de vooruitgang vanaf de A1 ver weg. De schaduwen zijn inmiddels aangenaam lang. Zij trekken denkbeeldige voren over het grasland. Een soort schakering van herfstkleuren ontstaat. Onderweg de nodige opstapjes om over de afradtering van weilanden te kunnen klauteren. Over vooral schrikdraad. Er valt alleen weinig te schrikken. Geen mens te zien, een enkele koe die verbaasd opkijkt. Een horde pinken komt in een aanpalend weiland rap richting het hekwerk. Denken natuurlijk dat de boer eraan komt. Verbazing alom. Best grappig, een koe die verbaasd kijkt. Oortjes naar voren. Altijd goed, dat betekend interesse. Teleurstelling als ik doorloop. Ik zit al een tijd met een Franstalig nummer van Melanie de Biasio in mijn hoofd. Een stuk muziek dat is doorleeft met melancholie. Passend. En dan te bedenken dat deze — overigens wonderschone — dame uit Charlois komt. Een stad die op haar eigentijdse wijze ook schoon is. Ik mag haar graag, zoals men daar pleegt te zeggen. Terug naar de met sloten doorsneden weilanden. Ineens loop ik midden tussen bossages, koepaden, een krakend bruggetje. Het heet hier De Zeldersche wetering. Met ‘sch’ wel te verstaan. Mooi. Zou het zeg zestienhonderd ook zo zijn geweest? Amersfoort ligt ver weg, ik moet mij omdraaien om de Lieve Vrouwtoren te zien. Zo moet het er eeuwen geleden hebben uitgezien toen de marktkooplieden te voet of te paard met hun waar naar de grote stad gingen. Misschien wel over ditzelfde pad. Dit geeft een kolossaal gevoel van zijn. De klaphekjes zijn zo geconstrueerd dat er 1 persoon tegelijk doorheen kan. Geen koe of schaap krijgt dit open. Op de Neerzeldersteweg linksaf. De weidsheid van de polder is overweldigend. Groots, bijna meeslepend. De weg is kaarsrecht. Een blauwe reiger vliegt een stuk mee op. Blijkbaar is dit haar territorium, want de schreeuwen zijn niet van de lucht. Er scheert een buizerd over, daar gaat de aandacht van de reiger naartoe. Ben dus slechts toeschouwer. Fijn. Ik stoor de natuur liever niet. De Slaag is een deel van de polder waar de natuur het voor het zeggen heeft. De paden zijn afgesloten. Het lonkt, je kunt er zo naar de oude dijk van de Eem lopen. Vroeger lag hier het wisselvlot van roeivereniging Hemus. Deze dijk is rijk aan klaver. Ook klavertjes vier. Put hiervoor uit eigen ervaring. De Krachtwijkerweg maakt een bocht, daar waar een enorme beuk staat. Uit de boom hangt een touw met een knoop aan het einde. Kun je er makkelijker in klimmen. Dit moet ook, want hoog boven de grond zit er een woest uitziende boomhut. Moet een klus zijn geweest dit te bouwen. Wat een rijkdom voor kinderen trouwens om hier te kunnen opgroeien. De zon staat flink lager nu. Tekent het landschap, deelt bijna hiërarchisch in. Zo tegen het einde van de wandeling passeert een jong stel. Beide op de fiets. Hij heeft gympen aan. Moeten gloednieuw zijn, zo intens wit. Achterop onder de snelbinders een paar bruine laarzen. Ook nieuw, of in ieder geval flink gepoetst. Het gesprek gaat over wat te doen vanavond. Hebben de schoenen hier iets mee van doen? Als ik bijna bij het eindpunt ben aangeland komt er een man op een vouwfiets langs. Argetype security-pak aan, en uit zijn (ik denk) mobiel klinkt het Hazes. Ik ontwaar nog net een flarden muziek en enige woorden. Typisch Mokums. De zon gaat inmiddels onder. Dit overvalt elke dag weer, de snelheid van het laatste streepje zonlicht. Het nummer van de eerder genoemde zangeres dendert maar door in mijn kop. Evenals de vraag waarom toch dat tweede paar schoenen mee moest.

    Maart 2014.

    Parlevinker

    De polders aan de zuidkant van de Waal, net voorbij Nijmegen. Fascinerend gebied aan de Oostelijke rand van ons land. De tijd lijkt hier stil te staan. Het regent, bij vlagen hard. Ineens een zwerm ganzen. Het weer deert hen niet. Midden in de weilanden staat op een bult zand een kleine kerk. Het heet hier Persingen. Het Godshuis is uit vervlogen tijden en ontheven van haar kerkfunctie. Vandaag de dag heeft het de rol van expositieruimte. Bijzonder te zien dat er meer mensen de tentoongestelde kunstzinnigheden komen bekijken. Mist en regen zijn nu niet aanlokkelijk. De polder nu te bezoeken vergt enig doorzettingsvermogen. Toch heeft het iets, mystiek en verhalen van weleer. Je proeft en voelt bijna de geschiedenis van dit gebied. Aan een stil landweggetje staat een klein gebouw. Ooit neergezet als transformatorhuis. De winning van klei noopte hiertoe. In dit deel van de polder werden grondstoffen gewonnen voor de baksteenindustrie. De machinerie gebruikte namelijk veel stroom. De steenfabriek is reeds lang geleden afgebroken. De herberg Oortjeshekken komt in zicht. Pleisterplaats, een fraai rustpunt in de weidsheid van het landschap. Ogenschijnlijk eenvoudige ambiance met gastvrijheid in hoofdletters. Voortreffelijke koffie en bijzondere lokale eetlekkernijen. Je kunt er ook blijven slapen. Voor als een langer verblijf het plan is. Ontwaken in de stilte. Een vergeten hoekje Nederland. Daardoor is het er puur, het land van Ooij. De Rijndijk volgend ontwaar je nog meer bijzondere zaken. Zeg maar aan water gelieerde diensten. Vlak naast elkaar liggen drie bunkerstations. Drijvende winkels annex tankstations voor de binnenvaart. Van krat bier tot doos toiletpapier. Maar vooral olie, diesel en smeermiddelen worden hier gekocht door passerende schippers. De stroming van de Rijn is hier stevig. Kunstig manoeuvreren kapiteins hun schepen hier aan de drijvende kades van deze parlevinkers. Mooi woord, je hoort het bijna niet meer, parlevinker. Ooit was in deze regio ook de scheepsbouw goed vertegenwoordigd, met als bekendste voorbeeld werf Bodewes. In 1837 opgericht, en daarmee de oudste van Nederland. Het gaf werk aan heel wat vaklui, rond de jaren ’70 in de vorige eeuw ruim 400. Het zorgde voor de bouw van een aparte woonwijk, pal naast het fabriekscomplex. Tussen de middag een boterham eten thuis bij moeder de vrouw was standaard. Hollands Glorie. Uit vervlogen tijden inmiddels, omdat eind 2013 de werf is gesloten. Zomaar een scheepshoorn als wekker om het mijmeren om te zetten in handelen. De zwerftocht voert door het achterland terug naar Nijmegen. Afsluiting in stijl op café. Aan de Fransenstraat in de stad van Karel de Groot. Deze tocht vraagt om een tweede rondgang, maar dan op de fiets. En met iets beter weer.

    Januari 2015.

  • Onrust

    3 november 2015:

    Na twee dagen mist is daar de zon. En hoe. Uitbundig, voor november zelfs krachtig en energie gevend. Een voettocht door het Zuidwestelijk deel van Texel. De start is op de parkeerplaats aan het einde van de Hoornderslag. Schelpen knarsen onder mijn schoenen. Al snel moet er een schrikdraad worden beslecht. Gelukkig een klaphekje. En grazende Schotse hooglanders. Best wel dichtbij. Vind dit maar niets, dus snel door. Het landschap is in deze tijd van het jaar in ruste, maar daardoor niet minder overweldigend. Kleuren zijn soms intenser dan in de zomer. Je moet er wel meer je best voor doen dit te zien. Herfst lijkt in de duinen niet zo monter waar te nemen als in de bossen. Bomen hebben immers hun diep rood en oranje sluier over hun kruinen. Toch heeft het duingras een andere kleur groen, is het aantal bruintinten groter. De Geul dient zich aan. Het mooiste pad is in de zomer afgesloten vanwege broedende lepelaars. Nu dan open. Fijn. Het prikkeldraad dat hier normaliter het pad afsluit ligt achteloos met paal en al in de berm. Het wordt zienderogen vochtiger. Vroeger had de zee vrij spel in dit gedeelte van het eiland. Ergens rond 1920 is het watergebied afgesloten door aanleg van een kunstmatige duinrij. Toch is het niet minder spectaculair. De duindoorn bloeit namelijk al uitbundig. Iets verder ligt een oude bunker half weggezakt. Restant van een verleden. Contradictie met de bloemenpracht. Het pad slingert inmiddels langs het Geulmeer. De bomen zijn hier relatief laag, kaal, soms op het grijze af, maar altijd stevig gebogen. Een wirwar van struiken en bomen maken het in de zomer onmogelijk het meertje te zien. Na de Mokweg gaat een konijnenpadje door de duinen onder langs de Marinierskazerne. Je loopt regelrecht De Hors op. Een immense zandvlakte. Ik voel mij hier klein. Sta even stil om het binnen te laten komen. Het Marsdiep is nu binnen handbereik. Na een aantal stroompjes en alras minder pollen duingras dan het strand. Rechtsaf gaat het, pal langs de waterlijn. De tred wordt traag, want het zand zuigt, trekt. Het wil je hier houden zo lijkt het. Ineens een zeehond. Een nog niet volgroeid exemplaar, de pels nog springerig. Als het beest mij ziet schuifelt het de zee in. Het wordt langzaam vloed. Ik moet door, anders noopt een afsteek, binnendoor, langs De Kreeftepolder, ook mooi, maar toch. Dan mis je namelijk het hoogtepunt. Het meest Zuidelijke stukje strand van Texel. Het heet hier Onrust. Niet zo vreemd, hier dondert het water van het Wad weer terug naar de Noordzee. Of komt er vandaan, afhankelijk van het tij. Wat opvalt is wat er hier aan typische erfenissen van onze materialistische maatschappij rondzwerft. Flessen afwasmiddel, er wordt blijkbaar wat afgepoetst op de schepen. Allerhande soorten touw waar typisch oranje en groen zeedraad de boventoon voeren. Altijd weer die eenzame schoen, meestal links. Een thermosfles, zonder dop, dat weer wel. De schelpen die hier liggen zijn een stuk witter dan op de andere stranden. Echt hel wit gebleekte scheermessen bijvoorbeeld. Meestal zit op deze schelp nog wel wat kleur. Hier dus niet. Ik neem er twee mee. Die liggen nu naast mijn schrijfmachine. Droog, nog witter dan vanmiddag, en glad gepolijst door de zee. Een groep sterns passeert. Meeuwen schreeuwen om het hardst. Een half leeggegeten karkas van een flinke vis ligt verderop. Dit zal het twistpunt van de meeuwen zijn geweest. De zon is inmiddels flink lager, de dag nadert haar einde. En de tocht ook. Maar goed, want stevig stappen door het zand maakt hongerig. De snert met koffie en een paar glazen eilandbier bij strandpaviljoen Paal 9 is de beloning. Evenals het uitzicht op het neergaand zonlicht. Er is ook een onmiskenbare onrust. Ik wil terug. Naar het eind van Texel.

  • De weg van een kunstwerk

    Amersfoort, 1 december 2021

    De weg van een kunstwerk is enerverend en ondoorgrondelijk, maar uiteindelijk bijzonder. En dan breng je een van je werken naar het Museum Flehite in Amersfoort. Omdat het is opgenomen in de collectie van dit fijne museum. Daar maak ik mijn oude Volvo voor leeg, zodat het met aandacht kan worden vervoerd. Het heeft immers al een weg afgelegd om in Amersfoort te komen. Dank aan Wilcovak voor het met zoveel zorg produceren van dit werk. En dank aan de commissie vanuit Amersfoort in C die dit werk heeft uitgekozen, en in het bijzonder Onno Maurer.

    Hieronder een impressie van de weg van een kunstwerk.

    Het werk zelf staat hieronder afgebeeld.

    De velden achter het gehucht Westernieland in het Noorden van Groningen. Het Wad is nabij, dit doet iets met het licht en lucht. De rij bomen tonen hun pracht in het avondlicht in een zomer die al een eind op streef is. Het is 10 augustus 2017, 21:15 uur.

  • Nagenieten met volle teugen.

    Amersfoort, 25 oktober 2021

    Aan alles komt een einde. Zo ook aan de tentoonstelling getiteld ‘Over velden en wegen‘ in Museum Flehite. Alleen al om deze titel wilde ik daar graag mijn werk laten zien. Als dan de wegen van een kunstenaar met die van directeur Onno Maurer van dit museum kruisen, ontstaat er eind november 2020 een fijn idee. Ik mag hem werk ter beoordeling insturen voor deze tentoonstelling. Per mail. Maar dat doe ik niet. Ik breng hem een doos met 10 werken afgedrukt op fine art barriet papier, formaat A3. Een beschrijving plus witte museum handschoenen maken het compleet. Onno kiest 4 werken. Deze worden geproduceerd in het formaat 90 bij 60 cm. Een magisch gevoel. Geen idee hoe de tentoonstelling eruit komt te zien, hoe de werken worden gepresenteerd.

    De situatie in de wereld noopt tot uitstellen van de opening van deze tentoonstelling, en dat is logisch. Ergens eind april, begin mei mag ik alleen het museum in. Want de tentoonstelling is al ruim 2 maanden gereed, en wacht op de nieuwsgierige blikken van haar bezoek(st)ers. Ik kijk en verwonder mij. Man, man, mijn werk hangt naast dat van Armando, een van mijn helden. In een van de zijzalen, waar twee van mijn werken hangen, staat een bank. Zitten en genieten. Met volle teugen. De wijze waarop deze tentoonstelling is samengesteld verdiend alle lof. De keuze, volgorde van de werken en de ambiance waarin je het kunt zien maken dat je hongerig blijft naar elk volgend werk. En stil blijft kijken, of als dat kan, zitten. En je verbazen over zoveel fijne en intense kunst die bij elkaar is gebracht.

    Dank je wel Onno en de mensen die dit hebben mogelijk gemaakt!

    Op de beelden is naast mijn werk een tweetal schilderijen (op verschillende foto’s) van Armando te zien, namelijk: het kunstwerk in zwart-wit: Gefechtsfeld 26-5-86, collectie gemeente Amersfoort. En het kunstwerk in kleur: Armando, Der Feldweg, 2017, collectie Armando Stichting, © Armando c/o Pictoright Amsterdam 2020.

  • 2e druk fotoboek ‘IN STILTE’!

    Amersfoort, 17 september 2021

    Vandaag is de 2e druk van mijn fotoboek ‘IN STILTE’ gearriveerd! Ruim 650 kg aan boeken wordt geleverd, en dat is best een flinke hoeveelheid. Het aantal boekwinkels waar je het fotoboek kunt aanschaffen stijgt inmiddels gestaag. Als een ware handelsreiziger rijd ik stad en land af en bezoek boekhandels. Elke keer als ik een winkel betreed overvalt mij de spanning: ‘wanneer kies ik het moment om te vragen of dit fotoboek in de collectie mag worden opgenomen?’. Soms moet ik een doordachte planning maken, want in sommige steden mag ik niet meer komen met mijn oude trouwe Volvo Dirk. Geeft niets, een fietsenrek met mijn stadsfiets biedt uitkomst. In de fietstassen heb ik twee speciaal gemaakte dozen ingepast, zodat de boeken heel overkomen. Gewapend met een twintigtal exemplaren gaat de fietstocht van de grenzen van een stad naar het bruisende binnenste waar het allemaal gebeurt. Ik geniet daar enorm van. Zo ook naar Utrecht. Ik volg de weg die ik in mijn jeugd eind jaren ’70 ook op de fiets – ik had geen geld voor de bus – aflegde om naar de ‘grote’ stad te gaan. De boekhandels in deze stad zitten op fijne plekken. En met de fiets ernaartoe is een feest.

  • Noordpool

    Amersfoort, 5 augustus 2021

    IJmuiden is een gebied waar ik van houd. Het ademt historie, noeste arbeid en bovenal trots. In de loop der jaren heb ik er regelmatig rondgezworven. Zo ook in maart 2010. Het is einde middag. Ik passeer het machtige sluizencomplex aan het begin van het Noordzeekanaal. Destijds (want ik weet niet hoe het momenteel met de verbouwing is) kon je hier slingerend via het Sluiseiland vanuit Velsen-Noord de oversteek naar IJmuiden maken. Je passeert twee sluizen. De controleruimte is gehuisvest in een pand dat zo uit de roman Bint van Ferdinand Bordewijk lijkt te zijn ontleend. Het zijn volgens mij tijdgenoten, het boek en het gebouw. In de kleinste sluiskolk ligt een coaster geladen met hout. Gladgeschaafde lange palen zijn het. Dwars op het schip gestapeld. Orde ten top. Komt vast uit Scandinavië. Meeuwen krijsen. Ik ruik de zee die om de hoek ligt. Het waait hier altijd. Er rijdt een man op een fiets voor mij langs. Hij stopt, en gaat op een bankje zitten. Ik ontwaar een tanig gezicht. Zie de levenservaring. Zou hij zijn werkzame leven hier in de haven hebben doorgebracht? Vast. Een vissersboot loopt binnen. Even verderop ligt een booreiland. Luisterend naar de naam Atlantic Rotterdam. De drie poten zijn alom aanwezig, en torenen boven alles en iedereen uit. Ik voel mij klein zo naast dit immense bouwwerk. Daarboven even een uurtje zitten. Rondkijken over dit tot de verbeelding sprekende gebied. Zo maar even een visje doen bij de Kop van de Haven. Eerst kijken of de 4e Havenstraat met haar oude pakhuizen er nog hetzelfde bij ligt. En dat was zo. In 2010 dan. De Noordpool om de hoek.

  • Op de radio!

    Amersfoort, 17 juni 2021

    Op zaterdag 12 juni 2021 werd ik geïnterviewd door Radio M Utrecht in het programma Prettig Weekend. Onderwerp van gesprek is het Nederlandse landschap, ofwel een ‘Ode aan het landschap’. En een ode aan twee Amersfoortse musea (Museum Flehite en Het Mondriaanhuis) waar je een prachtige tentoonstelling kunt bekijken met het Nederlandse landschap als centraal thema. Ik mag in beide tentoonstellingen een aantal van mijn werken laten zien. Je kunt het luisteren hieronder. Met dank aan RTV Utrecht die uit het uur uitzending dit interview hebben gedestilleerd.

    Bron: Radio M Utrecht, RTV Utrecht.


  • Publicatie voor Noorderbreedte

    Amersfoort, 20 april 2021

    Het magazine Noorderbreedte draag ik een warm hart toe. Recent mocht ik een artikel schrijven waarin ik mijn liefde voor het Groninger land beschrijf. Het staat sinds vandaag op de site van Noorderbreedte. Met deze link kun je het lezen.

  • Kunst op straat

    15 oktober 2020:

    Oktober 2013. Een project waar ik blij van word, of werd, want alweer 7 jaar geleden. Kunst in de stad zetten. Zomaar. Voor iedereen die er langs loopt, en het wil zien. Ik kies 2 beelden dat mij na aan het hart liggen. En een belangrijke rol in mijn leven spelen omdat het een keerpunt in mijn werk als fotograaf markeerde in het voorjaar van 2011. Deze foto’s heb ik een aantal maal in tentoonstellingen laten zien. Zij zijn onderdeel van een beeldserie die je kunt bekijken via deze link. Voor dit kunstproject zijn de 2 werken met stevig tape bevestigd aan verschillende bruggen in de binnenstad van Amersfoort bevestigd. Na wikken en wegen naar huis. Kan ik het wel achterlaten? Wordt het niet gejat? Het is voor mij kostbaar. Het verteld ook veel. En daarom wil ik het laten zien in de openbare ruimte. En heb ik vertrouwen in de voorbijgangers. Kunst moet je delen. Na een weekend loslaten kom ik de werken maandagmorgen vroeg halen. De voordeur van een woning nabij gaat open. Een dame stapt uit. ‘Ik heb er op gelet hoor. Wat fantastisch mooi’. Alle stress verdwijnt plotsklaps. Dank aan deze dame en haar oplettendheid. Mijn kunstwerken gaan mee naar huis. Ik koester deze beelden. Beiden hangen op een prominente plaats in mijn huis. Ik passeer het iedere dag meerdere malen. Fijn.

error: Content is protected !!